2009-10-07

Woensdag 7 oktober

We worden net na zevenen wakker van zacht gepiep.
Het lijkt van onder onze camper te komen. Buikliggend op het bed steken we onze hoofden door het raam, kijken naar beneden, en kreunen allebei tegelijk ‘aaaahhhhh….’! We zien vier knuffels van jonge hondjes met hun kopjes onder onze camper uitkomen, schuin omhoog kijkend naar ons. Monique, die eigenlijk helemaal niet zo van de honden is, valt bijna in zwijm voor dit aandoenlijke kwartet. ‘Je zou er toch zo eentje mee naar huis nemen’ zegt ze. ‘Ja, maar hij wordt wel zó groot’ zeg ik, wijzend naar de moeder van 80 x 100 x 25 cm, die ook net tevoorschijn komt. Die moeder hadden we ...
 vier weken geleden hier al zien rondzwerven, maar toen nog in onbevallen toestand. Haar vier schatjes zijn dus nog geen vier weken oud, en ze huppelen nu al als geroutineerde schooiers bij de camperaars langs, die hier staan. Als daar niks te halen valt, vallen ze maar terug op de borstvoeding van mams.
We zien nóg een hond ronddwalen in de duinen, die we gezien zijn uiterlijk ervan verdenken dat hij deze teef ergens tussen de 53 en 72 dagen geleden naar huis heeft proberen te duwen. Hij bemoeit zich echter nergens mee.

Als de honden de hort op gaan, genieten we - nog steeds vanaf ons bed - extra bewust van deze op een na laatste ochtend in Griekenland dit jaar, van het mooie uitzicht. Terwijl de eerste zonnestralen een oranje deken over het landschap gooien, hangt de nu witte maan op de plek, waar gisterenavond de zon nog hing, twee uren voor hij onderging. We worden er zo stil van, dat we nog een uurtje verder dutten, waarna we een uurtje lezen in onze spannende thrillers.

Terwijl ik daarna ga zwemmen, dekt Monique buiten de tafel voor het ontbijt. Voor de rest van de dag staat alleen het strandprogramma op het programma, en tegen het einde van de middag willen we op weg naar Valimitika, voor onze laatste overnachting in Griekenland dit jaar. Omdat we een beetje door ons ondergoed heen raken, ‘draaien’ we na het ontbijt nog een wasje in de Tupperware wonderemmer. Met dit weer zal het in no-time droog zijn.

Net voordat we naar het strand willen lopen, zien we ‘Ben Gurts’ weer. Een Griek die met een normale personenauto al jaren een paar keer per dag de camperplaatsen hier bezoekt. Als hij de achterklep opent, komt er een soort van miniwinkeltje tevoorschijn, met een beperkt assortiment van druiven, komkommers, tomaten, meloenen, uien, olijven, paprika’s, knoflook, aardappels en brood. En een weegschaal. Monique koopt tomaten, brood en 2 meloenen. Lekker voor de lunch straks.
Wij noemen deze man ‘Ben Gurts’, een platte variant van Ben Geurts, zoals de eigenaar van een van de eerste levensmiddelenwinkels in ons dorp Beuningen heette. Daar gingen we dan heen met zo’n oranje boekje,waarin je thuis je boodschappen had opgeschreven. Als je dan in de winkel kwam, gaf je dat aan Ben, of zijn vrouw Riek, en die verzamelden dan je boodschappen. Later werd de winkel een supermarkt, met het enige verschil dat je nu zelf je boodschappen mocht verzamelen. Monique en ik deden dat trouwens niet zelf, want wij stonden toen nog in onze kinderschoenen. De verandering naar ‘selfservice’ hebben wij wel als puber meegemaakt.
Ben is al lang geleden overleden. Riek, de andere helft van dit vriendelijke, hartelijke en hardwerkende ondernemersstel, is al heel lang de buurvrouw van mijn (Michel) moeder.

Dan gaan we naar het strand. Behalve wij twee is er slechts één ander stel. Er staat wel een pittig windje. Een mooie reden om voor de eerste keer ons superaerodynamische windscherm te proberen. Uit een klein zakje komt uiteindelijk een kite-achtig iets op het strand te staan, van 60 cm hoog, en naar de zijkanten toe in punten uitlopend. Het knalrode ding is vier meter lang, maar staat als een halve cirkel om ons heen. Behalve dat het scherm heel goed kleurt voor de foto, werkt het nog ook. Zo komen we, onderbroken door de lunch, een groot deel van de dag door. Rond vier uur besluiten we maar eens op te breken. Het zal een uurtje of twee rijden zijn naar Valimitika, waar we voor het donker willen zijn. Het demonteren van het windscherm verloopt niet zo soepel als op de demonstratievideo, die we voor aankoop zagen. De glasfiberstokken willen nauwelijks uit elkaar dankzij het zand wat zich er klaarblijkelijk tussen heeft genesteld. Met de volle wind erop wordt het een tafereel waar je vanachter je zonnebril gniffelend van zou genieten als het een ander overkwam. Ik gniffel iets minder, en uiteindelijk gaat het ding in het formaat van vier keer de verpakking mee naar de camper.

Als we bij de camper aankomen, liggen de vier schatjes van honden half onder onze camper, en voor het achterwiel te slapen. Zo stil als pluche speelgoedhondjes waarvan de Duracelletjes uiteindelijk leeg zijn na een dag ronddollen. Toch zit er nog energie in als wij de spullen rond de camper gaan opruimen.
Er staat een leeg conservenblik vlakbij onze camper, die onze voorgangers hier waarschijnlijk hebben bedoeld als drinkbak voor de hondjes. We vullen het met water en de hondjes duiken er meteen in met hun snoetjes. De onderbroeken zijn ondertussen weer lekker fris en droog, en alle sporen zijn uitgewist. Terwijl Monique ze opvouwt, en de boel binnen in orde maakt, maak ik buiten alles vertrekklaar. Stoelen, tafel, deurmat, droogmolen en de strandspullen in de garage, en de luifel in. Het strandwindschermpje krijg ik uiteindelijk ook gedemonteerd.
Dan controleer ik nog wat er gecontroleerd kan worden onder de motorkap, en kunnen we vertrekken.

Dag Kalogria. We hebben het goed gehad bij je. We kunnen deze plek iedereen die van zon,zee en strand houdt, aanraden.
We rijden over de prachtige slingerweg langzaam het bosgebied uit, en na 10 minuten nemen we met een laatste blik in onze zijspiegels afscheid van de ‘broccoli’s’.

We moeten langs Patras richting Athene om in Valimitika te komen. Vanaf Patras is er op een gegeven moment een keuze tussen een ‘Toll Road’ en een ‘No Toll Road’. Wij willen graag de laatste, omdat die veel gezelliger rijdt. We hebben in voorgaande jaren echter al een paar keer te laat de No Toll Road genomen, waardoor we dus aan de tolweg vastzaten. Omdat we nu bang zijn weer te laat te zijn, gaan we er op tijd af. Veel te vroeg dus. We komen in het industriegebied van Patras terecht waar je helemaal niet wil komen. Dan is er ook nog ineens een omleiding, en met dit alles raken we minstens een half uur kwijt. Als we plotseling een bord ‘Port’ zien (niet de drank), weten wij - en TomTom - de weg weer, en rijden we de kustweg verder af naar Valimitika. Via Egio en het dorpje Tsemeni komen we in de duisternis aan bij ‘onze’ plek aan het strand. Hier zijn al onze eerste en laatste dagen Griekenland begonnen, de afgelopen vier jaar. En ook dit jaar willen via dit dorpje een heel bewust afscheid nemen van dit land.

Zo te zien is er in bijna vijf weken tijd niets veranderd aan deze miniboulevard in wording. Aan het deels bestraatte stuk langs de zee is nog geen steen bijgekomen. De bouwvakvakantie lijkt hier stil te staan. Precies tegenover de taverne, en pal tegen de wegafzetting aan, staan nog twee campers. Wij vinden dat niet zo netjes, want er komen hier ’s avonds en overdag nogal wat locals eten, die hun auto graag vlakbij de taverne zetten. Deze twee campers nemen nu behoorlijk wat normale parkeerplaatsen in beslag. Laten we dankbaar zijn dat we hier gratis gebruik mogen maken van het strand, de douche, het toilet, de waterkraan, en vooral de gastvrijheid van het dorpje hier, en laten we dat niet verzieken.
Wij plaatsen onze camper iets verder terug, langs het muurtje wat het parkje in wording omheint. Exact dezelfde plek waar we de begindagen van deze vakantie ook stonden.

Koken doen we niet, want we eten de laatste avond Griekenland altijd in de taverne hier. Druk is het niet. De overige bezoekers zijn zo te zien en te horen de andere camperaars. De kaart laten we maar achterwege, want we weten ondertussen wel dat ze dát, wat we na 10 minuten overleg zullen kiezen, toch niet hebben, en we vragen meteen maar wat ze wél hebben. En inderdaad, ongeveer driekwart van de gerechten van de menukaart is niet meer te bestellen. We kiezen voor tsasiki, Griekse salade, spanakopita, kalfvlees in tomatensaus, dikke frieten, en een half litertje huiswijn. Voorgerecht, hoofdgerecht, het maakt niet uit, het komt hier allemaal tegelijk op tafel.
De andere camperaars zijn al snel verdwenen, en wij zijn nu de enige gasten. Dat geeft niks want het blijft even lekker. Na dit laatste avondmaal rekenen we 22 euro af en lopen de vijftig meter naar onze camper, waar we nog een paar neuten drinken. Het uitbuiken op bed loopt uit op in slaap vallen. Rond middernacht worden we wakker en beperken we het preparen voor de nacht tot uitkleden, tanden poetsen, slaapshirts aan, en snel het bed in om verder te slapen. Een snelle blik op de thermometer toont dat het buiten nog 25 graden is. Als we vanaf ons bed nog even naar de zee kijken, zien we de maan vanuit het oosten langzaam opstijgen uit de Golf van Korinthe. Een mooier nachtlampje bestaat niet.

Valimitika - KM 26780 – N38°14.173’ E22°08.442’

mm2greece2009/maps weergeven op een grotere kaart

0 reacties:

Een reactie plaatsen